Casus Sini

Kan een begeleider in de gehandicaptenzorg een cliënt die moeite heeft met eten gaan helpen zodat het sneller gaat. Er kan dan eerder aandacht aan andere cliënten worden gegeven.

Raoul is een forse man van 34 jaar oud. Raoul heeft een meervoudige handicap en heeft veel ondersteuning nodig. Hij woont in een begeleide woonvorm en bezoekt overdag  de dagopvang van de Singel.Het gaat de laatste tijd slechter met Raoul. Dit wordt naast zijn handicap ook veroorzaakt door een stofwisselingsziekte (stapelziekte).  Kon hij tot voor kort nog zelf zijn brood aan zijn vork prikken en naar zijn mond brengen, de laatste tijd kost dit steeds meer moeite. Hij eet niet of hij propt zoveel in zijn mond zodat hij het niet meer kan doorslikken. Vorige week heeft Sini de begeleidster op de dagopvang nog met veel moeite bij Raoul het in zijn mond gepropte brood uit zijn mond moeten vissen omdat hij er bijna in stikte.

beeld casus sini
beeld

Vandaag is Sini weer belast met het ondersteunen van Raoul bij de maaltijd. Het lijkt vandaag goed te gaan met Raoul. Hij heeft al bijna een hele boterham zelf kunnen opeten. Sini zit erbij om te kijken of hij zelf het brood op zijn vork kan prikken en niet teveel in zijn mond stopt maar ze heeft nog niet hoeven helpen. Sini kan aan Raoul merken dat hij het fijn vind om lekker rustig zelf te kunnen eten.  Ze merkt aan de gebaren en uitdrukking van Raoul dat hij graag wil dat ze hem met rust laat. Sini heeft  weinig tijd want er zijn nog drie andere cliënten die geholpen moeten worden. Ze weet dat wanneer zij hem helpt met zijn volgende boterham hij veel sneller klaar is en dat ze dan haar aandacht aan de andere cliënten kan geven die nu zitten te wachten.

Wat zou jij doen in deze situatie?
220 votes
KEUZE!

Kwalificaties MBO 2016

Kwalificatiedossier Maatschappelijke Zorg

B1-K1-W3: Ondersteunt de cliënt bij wonen en huishouden

Werkproces
B1-K1-W3: Ondersteunt de cliënt bij wonen en huishouden
Omschrijving
De beroepskracht maatschappelijke zorg ondersteunt de cliënt bij wonen en huishouden. Zij overlegt met de cliënt en naastbetrokkenen welke taken/werkzaamheden de cliënt zelf doet en welke ondersteuning door anderen wordt gedaan. Zij zorgt ervoor dat de cliënt en naastbetrokkenen zo veel mogelijk zelf doen. Zij ondersteunt de cliënt o.a. bij het omgaan met geld, de organisatie en/of het uitvoeren van lichte huishoudelijke schoonmaakwerkzaamheden, het doen van inkopen, het beheren van voorraden, het bereiden van maaltijden, het opmaken van bedden, het wassen en strijken van kleding en textiel, het realiseren van een optimaal woon en leefklimaat en bij mobiliteitsvraagstukken. Cliënten die een gemeenschappelijk huishouden voeren begeleidt zij bij het gezamenlijk uitvoeren van de werkzaamheden. Ze voorziet in de voorwaarden om de cliënt te laten oefenen of experimenteren met ander gedrag of nieuwe, huishoudelijke vaardigheden. Ze geeft het goede voorbeeld. Ze zorgt er in samenwerking met de cliënt en betrokken instanties voor dat benodigde materialen en middelen beschikbaar zijn en creëert samen met de cliënt een wenselijke leefsituatie en veilige omgeving.
Resultaat
De cliënt heeft passende ondersteuning ontvangen op het gebied van wonen en huishouden.
Gedrag
De beroepskracht maatschappelijke zorg:
  • vraagt de cliënt en naastbetrokkenen doelbewust naar hun mogelijkheden en wensen om goed aan te kunnen sluiten bij hun(fysieke, psychische en mentale) mogelijkheden en behoeften;
  • motiveert de cliënt doelbewust om uitdagingen gericht op zijn ontwikkeling bij wonen en huishouden aan te gaan;
  • gaat zorgvuldig en netjes om met de materialen en middelen;
  • werkt zorgvuldig volgens de voorgeschreven procedures en hygiëne
  • en veiligheidsvoorschriften;
  • voert berekeningen over de kosten bij inkopen en het beheren van voorraden nauwkeurig uit (het doen van inkopen & beheer voorraden);
  • overlegt tijdig met betrokken instanties.
Competenties
De onderliggende competenties zijn: Begeleiden, Materialen en middelen inzetten, Op de behoeften en verwachtingen van de "klant" richten, Instructies en procedures opvolgen, Vakdeskundigheid toepassen, Samenwerken en overleggen